Fundament
Nirvana
Tibetaans: nyangdé (mya ngan las 'das pa) · Sanskriet: nirvāṇa · Engels: Nirvana
Nirvana is de bevrijding uit samsara: het ophouden van lijden en van de oorzaken ervan, begeerte, afkeer en onwetendheid. Het woord betekent "uitdoven".
Nirvana is de bevrijding uit samsara: het ophouden van lijden en van de oorzaken ervan, begeerte, afkeer en onwetendheid. Het Sanskrietwoord betekent "uitdoven", zoals een vlam dooft als er geen brandstof meer is. De Tibetanen vertaalden het als nyangdé, "voorbij het verdriet gegaan". Beide woorden zeggen vooral wat nirvana níet is. Dat is geen toeval.
Geen hemel, en ook geen niets
In gewoon Nederlands is nirvana een soort opperste gelukzaligheid geworden, iets tussen een zonnige vakantiedag en de hemel. In het boeddhisme betekent het iets anders. Het is geen plek waar je na je dood naartoe gaat, en geen ultiem genot. Het is evenmin het niets. Wie bij uitdoven aan verdwijnen denkt, mist waar het om gaat: wat dooft is het vuur van de verwarring. De geest zelf gaat nergens heen.
Toen de Boeddha onder woorden bracht wat hij had ingezien, deed hij dat in de Vier Edele Waarheden. De derde daarvan zegt precies dit: lijden kan ophouden. Dat was zijn goede nieuws. Er is een uitweg, en die ligt binnen menselijk bereik.
Het Mahayana, waar het Tibetaans boeddhisme op voortbouwt, voegt daar iets aan toe. Een bodhisattva wil niet wegzakken in een eigen vrede zolang anderen nog vastzitten. De teksten spreken daarom van een niet-verblijvend nirvana. Een boeddha blijft niet steken in samsara, maar trekt zich ook niet terug in een stille rust. Door wijsheid is hij vrij. Door compassie blijft hij erbij.
Eén grond
Dzogchen zegt het nog directer. Samsara en nirvana zijn daar geen twee plaatsen met een lange weg ertussen. Ze komen voort uit dezelfde grond: de oorspronkelijke aard van de geest. Het Gebed van Samantabhadra, dat in veel Nyingma-gemeenschappen wordt gereciteerd, opent met die gedachte. Er is één grond, met twee paden en twee uitkomsten. Wie de grond herkent, is boeddha. Wie hem niet herkent, dwaalt rond.
Dat maakt het pad niet overbodig. Zolang die herkenning niet stabiel is, is er werk te doen: de geest keren, zuiveren, verdienste verzamelen, de zegen van de lijnvoering ontvangen. Wat wel verandert is hoe je het pad loopt. Je reist niet naar een verre bestemming. Je leert zien wat er al is.
Bij Rigdzin Dzogchen Ling begint dat leren bij de Ngöndro. Elke zaterdag beoefenen we in Hoofddorp de Düdjom Tersar Ngöndro, die opent met de vier gedachten en uitkomt bij guru yoga, waarin je je eigen geest vermengt met die van de leraar. Wie wil weten waar al die woorden over nirvana in de praktijk op neerkomen, kan daar gewoon beginnen.